Vaste activa
Bezit dat je langer dan een jaar gebruikt, zoals een pand, inventaris of een bedrijfsauto.
Boekhouden
De balans, het grootboek, debet en credit en de journaalpost. Hier leer je de basis van boekhouden in gewone taal, met rekenvoorbeelden die je zelf kunt narekenen. Een goede start als je boekhouden wilt leren of je Basiskennis Boekhouden (BKB) wilt halen.
Uitleg
Boekhouden is het bijhouden van alles wat er met het geld en de bezittingen van een bedrijf gebeurt. Elke factuur, elke betaling en elke aankoop schrijf je op een vaste manier op. Zo kan de ondernemer op elk moment drie vragen beantwoorden: wat bezit ik, wat ben ik schuldig en heb ik winst gemaakt?
Iedereen die in de administratie werkt, gebruikt dezelfde basisregels. Dat is precies wat je leert bij basiskennis boekhouden. Ken je die, dan kun je bij elk bedrijf aan de slag. Het boekhoudprogramma verschilt per werkgever, maar de regels erachter niet.
De balans
De balans is een overzicht op één moment, bijvoorbeeld op 31 december. Links staat wat het bedrijf bezit: de activa of debetkant. Rechts staat hoe dat bezit betaald is: de passiva of creditkant. Beide kanten zijn altijd even groot.
Bezit dat je langer dan een jaar gebruikt, zoals een pand, inventaris of een bedrijfsauto.
Bezit dat snel opgaat of snel geld wordt, zoals voorraad, debiteuren, de bank en de kas.
Het geld van de eigenaar, langlopende schulden zoals een hypotheek en kortlopende schulden zoals crediteuren en btw.
Ilse heeft een bakkerij. Dit is haar balans op 31 december.
| Debet (activa) | Bedrag | Credit (passiva) | Bedrag |
|---|---|---|---|
| Bedrijfspand | € 150.000 | Eigen vermogen | € 72.000 |
| Inventaris | € 20.000 | Hypothecaire lening | € 120.000 |
| Bestelauto | € 15.000 | Crediteuren | € 7.500 |
| Voorraad | € 6.000 | Af te dragen btw | € 3.000 |
| Debiteuren | € 2.000 | ||
| Bank | € 9.000 | ||
| Kas | € 500 | ||
| Totaal | € 202.500 | Totaal | € 202.500 |
Let op. Links en rechts zijn allebei € 202.500. Is dat niet zo, dan zit er ergens een fout. En staat de bankrekening in de min? Dan is dat geen bezit maar een schuld, en zet je hem rechts bij de kortlopende schulden.
Cursus Administratief Medewerker
Leer BKB, BKC en BKL in één online cursus. E-book met voorbeelden, oefenexamens met uitleg bij elke vraag en direct toegang na betaling. Vanaf € 99.
Het grootboek
Op de balans zie je alleen eindbedragen. Tijdens het jaar betalen klanten, koop je in en betaal je huur. Die veranderingen noteer je in het grootboek, met een eigen rekening voor elke soort post, zoals Kas, Bank en Huurkosten.
Alle rekeningen staan in het rekeningschema, elk met een vast nummer. Het eerste cijfer laat zien in welke groep een rekening valt. Elk bedrijf heeft zijn eigen schema, dus gebruik altijd de nummers van het bedrijf waar je werkt.
| Rubriek | Wat staat erin? |
|---|---|
| 0 | Vaste activa, eigen vermogen en langlopende schulden |
| 1 | Kas, bank, debiteuren, crediteuren en kortlopende schulden |
| 3 | Voorraad |
| 4 | Kosten |
| 7 | Inkoopwaarde van de verkopen |
| 8 | Opbrengsten |
| 9 | Afsluiting (resultaat) |
Debet en credit
Elke boeking heeft een debetkant en een creditkant, en die zijn altijd even groot. Dat heet dubbel boekhouden. Welke kant je gebruikt, hangt af van het soort rekening.
Ezelsbruggetje. Geld dat binnenkomt, staat debet. Krijg je geld op de bank, dan boek je Bank debet. Betaal je iets, dan boek je Bank credit.
| Soort rekening | Wordt hoger | Wordt lager |
|---|---|---|
| Bezittingen (activa) | debet | credit |
| Eigen vermogen en schulden (passiva) | credit | debet |
| Kosten | debet | credit |
| Opbrengsten | credit | debet |
De journaalpost
Een boeking schrijf je op als journaalpost: welke rekeningen veranderen, en met welk bedrag aan de debet- en creditkant. Controleer bij elke journaalpost of debet en credit samen even groot zijn.
Ilse betaalt € 250 voor energie via de bank. Voor het gemak laten we de btw weg.
| Rekening | Debet | Credit |
|---|---|---|
| Energiekosten | € 250 | |
| Bank | € 250 |
De kosten worden hoger, dus Energiekosten staat debet. Er gaat geld van de bank af, dus Bank staat credit.
Een restaurant had nog € 400 openstaan bij Ilse en betaalt dat nu via de bank.
| Rekening | Debet | Credit |
|---|---|---|
| Bank | € 400 | |
| Debiteuren | € 400 |
Er komt geld binnen, dus Bank staat debet. Het restaurant hoeft niets meer te betalen, dus Debiteuren wordt lager: credit.
Klaar voor het examen?
In Pakket Slagen oefen je met 6 oefenexamens voor boekhouden, calculatie en loonheffingen, met uitleg bij elke vraag. Zo weet je precies waar je staat.
Dagboeken
Je boekt niet alles los in het grootboek. Eerst verzamel je de boekingen per soort in een dagboek: het inkoopboek, verkoopboek, kasboek, bankboek of memoriaal. Daarna volgt het altijd dezelfde route.
Boekhouden leren
Wil je in de administratie werken, dan vragen werkgevers vaak het diploma Basiskennis Boekhouden (BKB). Vaak samen met Basiskennis Calculatie (BKC) en Basiskennis Loonadministratie (BKL).
Op deze pagina zag je het begin van de stof. Voor het examen leer je ook inkoop en verkoop met btw, voorraad, afschrijvingen, kas en bank en de kolommenbalans. Je hebt geen vooropleiding nodig. Wel helpt het om veel te oefenen: boekhouden leer je vooral door het te doen.
Boekhouden, calculatie en loonheffingen in één online cursus, met e-book en oefenexamens met uitleg bij elke vraag. Direct starten na betaling.
Veelgestelde vragen
Staat je vraag er niet bij? Bel 085 877 14 77, tussen 09:00 en 20:00.